De Rhetoric aanmaken

1. Tips bij de keuze tussen een open of gesloten vraag


Rhetoric verschilt van andere manieren van debatteren door een triggerende vraag of stelling voor te leggen aan het publiek. Op die manier zorgen we dat debatten to the point blijven.

Een eerste belangrijke beslissing bij het opzetten van een debat is de keuze tussen een open vraag en een gesloten vraag of stelling.

Gesloten vraag met antwoordopties: beste keuze voor debat

Een gesloten vraag met antwoordopties is bij uitstek geschikt om de verschillende meningen pro/contra die bestaan omtrent beleid of actuele gebeurtenissen te vatten.

voorbeelden

  • Moet er een reisverbod voor Spanje komen?
  • De overheid mag het kindergeld beperken voor ouders van kleuters die slecht Nederlands spreken
  • Gemeenschapsdienst voor langdurig werklozen is een goed idee.
  • Moeten de eersteklasplaatsen in de trein afgeschaft worden?
  • Vind jij dat telewerk vanuit het buitenland moet kunnen?
  • Moet welzijn een verplicht vak worden in het onderwijs?

Selecteer bij het aanmaken van de Rhetoric de ‘Stances & Open Text’ flow. Deze start met een (vraag)stelling en door jou te definiëren gesloten antwoordopties (bv. Akkoord/Neutraal/Niet akkoord). Na het aanduiden van een antwoordoptie volgt het scherm waar de deelnemer een argument kan schrijven om zijn/haar antwoord te duiden.

Open vraag: beste keuze voor ideeën en getuigenissen

Met een open vraag vraag je niet naar een mening of standpunt maar is de focus gericht op:
  • Het verzamelen van getuigenissen en persoonlijke verhalen/ervaringen
  • Het verzamelen van suggesties en ideeën van de deelnemers
  • Het peilen naar noden en verwachtingen

Via Rhetoric kan je de deelnemer dus niet enkel aan het woord laten omtrent reeds genomen of geplande beleidsbeslissingen (via een ‘akkoord/niet akkoord’ stelling of vraag), maar kun je deze ook een kans geven om zelf ideeën aan te brengen. Ook voor het verzamelen van getuigenissen en ervaringen kan best middels een open vraag.

voorbeelden

  • Aan welke ondersteuning zou jij nood hebben om je woning aan te passen naar de nieuwe isolatienormen?
  • Wat verwacht jij van het overleg tussen vakbonden en directie bij Delhaize?
  • Wat is jouw ervaring met oplichting via WhatsApp?
  • Waar zie jij mogelijkheden om de pensioenen opnieuw betaalbaar te maken?
  • Welke oplossingen ziet u voor het lerarentekort in het onderwijs?
  • Wat zou een geschikte nieuwe bestemming zijn voor het leegstaand gebouw ‘XX’?
  • Welke problemen heb jij gehad met aannemers tijdens de bouw of renovatie van je woning, en hoe heb je deze aangepakt?
  • Welke energiebesparende maatregelen neem jij deze winter?
  • Hoe ziet u de concrete invulling van de pensioenhervorming? Waar moet de prioriteit liggen?
  • Waar zouden de klemtonen moeten liggen in de volgende Beheersovereenkomst voor de VRT?

Selecteer bij het aanmaken van de Rhetoric de ‘Open Text’ flow’. Deze start met een (vraag)stelling en het scherm waar de deelnemer tekst kan ingeven. De ‘poll’ stap is hierin dus niet aanwezig. Kies voor de ‘Open Text Public’ flow wanneer deelnemers elkaars respons mogen zien. Kies voor de ‘Open Text Hidden’ flow wanneer je niet wil dat deelnemers elkaars reacties kunnen zien (bv. om een oproep te doen tot getuigen rond een onderwerp dat discretie vereist).

2. Tips bij de keuze tussen een vraag of stelling


Wanneer je kiest voor een gesloten manier van bevragen, is de tweede keuze deze tussen een vraag of een stelling.

Rhetoric verschilt van andere manieren van debatteren door een triggerende vraag of stelling voor te leggen aan het publiek. Op die manier zorgen we dat debatten to the point blijven.

Een eerste belangrijke beslissing bij het opzetten van een debat is de keuze tussen een vraag en een stelling.

Werken met een vraag: grotere respons en time on page

  • Werken met een vraag zorgt globaal genomen voor een grotere respons dan werken met een stelling. Dit is gebleken uit eigen onderzoek (A/B testing).
  • Werken met een vraag zorgt ook voor een langere time on page dan werken met een stelling.

Werken met een stelling: dicht bij letterlijke uitspraken blijven

  • Stellingen stellen de zaken soms net iets scherper.
  • Stellingen laten toe om dicht bij de letterlijke uitspraken of verwoordingen van experts, politici, de auteur van een opiniestuk … te blijven.

voorbeeld

“Vlamingen zullen altijd beter Frans kunnen dan Walen Nederlands” vs. “Zullen Vlamingen altijd beter Frans kunnen dan Walen Nederlands?”

De combinatie van beiden is ook mogelijk. Plaats de stelling bijvoorbeeld tussen aanhalingstekens, en vraag daarna bijvoorbeeld “Wat vind jij van deze uitspraak?

voorbeeld

"Bestuurders die betrapt worden, moeten meteen hun rijbewijs verliezen voor 8 dagen." Wat vind jij van dit voorstel?

3. Tips bij het formuleren van de vraag of stelling


Hoe formuleer je de stelling of vraag het best?

Tip Betrek het debat zoveel mogelijk op de persoonlijke leefwereld van de deelnemer

Om lezers te triggeren om deel te nemen aan het debat raden we aan om de (vraag)stellingen zo tastbaar mogelijk te maken voor de deelnemer. De vraag of stelling wil de lezer ertoe aanzetten om een bijdrage te leveren die een nieuw inzicht kan geven, zowel voor de journalisten als voor de andere lezers.

Daarom is het belangrijk om de persoonlijke relevantie van het onderwerp te benadrukken. Maak het concreet. Zorg dat een vraag of stelling niet te vaag of breed geformuleerd is, en maak bijvoorbeeld gebruik van een ‘Wat vind jij van…’ of ‘Zou jij het zien zitten om…’ – vraag.

voorbeeld 1

voorbeeld in verband met het formuleren van een stelling of vraag

voorbeeld in verband met het formuleren van een stelling of vraag

De eerste versie is vrij complex en houdt het onderwerp bovendien ver van het bed van de deelnemer. De tweede versie betrekt het onderwerp op zijn/haar eigen leefwereld.

voorbeeld 2

voorbeeld in verband met het formuleren van een stelling of vraag

voorbeeld in verband met het formuleren van een stelling of vraag

De eerste versie geeft niet aan over welk concreet aspect van het begrotingsakkoord de mening van de deelnemer gevraagd wordt. De tweede versie maakt dit wel duidelijk; de deelnemer kan zich hier heel concreet iets bij voorstellen.

Zet het onderwerp van de discussie ook steeds in de (vraag)stelling. Volgende voorbeelden zijn afgeraden wegens te vaag en algemeen, ook al geeft de context van het artikel aan waarover de vraag gaat.

  • Vind jij dit een goed initiatief?
  • Hoe sta jij hier tegenover?
  • Ga jij hiermee akkoord?

Tip Vermijd complexe formuleringen en zinsconstructies

De deelnemer moet de (vraag)stelling meteen bij de eerste lezing kunnen begrijpen. Daarom raden we aan om de (vraag)stelling zo eenvoudig mogelijk te houden. Dit omvat onder meer het vermijden van overbodige adjectieven.

voorbeeld 1

voorbeeld in verband met het formuleren van een stelling of vraag

voorbeeld in verband met het formuleren van een stelling of vraag

De eerste versie is onnodig complex gemaakt door het gebruik van verschillende bijzinnen. Alle randinformatie, zoals het feit dat de federale regering TikTok al verbood en het risico op het delen van data met de Chinese overheid, hoort in het artikel.

voorbeeld 2

voorbeeld in verband met het formuleren van een stelling of vraag

voorbeeld in verband met het formuleren van een stelling of vraag

In dit voorbeeld is de eerste zin erg complex wegens de combinatie van het gebruik van verschillende afgeleiden van negaties (afschaffing, onbetaalbaar), onnodige adjectieven - die bovendien niet voor iedereen tot het dagelijkse woordgebruik horen (supplementair, modaal) - en overbodige informatie (door de regering). De tweede zin is in dat opzicht helderder, en nodigt bovendien minder uit tot gescheld op de regering.

Tip Vermijd complexe bewoordingen en jargon

Maak bij het formuleren van de (vraag)stelling gebruik van bewoordingen die voor iedereen makkelijk te begrijpen zijn. Termen waar niet iedereen mee vertrouwd is worden best vermeden; moeilijke woorden worden best vervangen door eenvoudiger alternatieven.

voorbeeld 1

voorbeeld in verband met het formuleren van een stelling of vraag

voorbeeld in verband met het formuleren van een stelling of vraag

In dit voorbeeld werd een term die niet voor iedereen gekend is (consumptieprijsindex) vervangen door een woord dat voor iedereen begrijpelijk is (prijsstijgingen)

voorbeeld 2

voorbeeld in verband met het formuleren van een stelling of vraag

voorbeeld in verband met het formuleren van een stelling of vraag

In dit voorbeeld is “pakjes online bestellen” als het ware de vertaling van e-commerce in het dagelijks leven van de deelnemer.

Tip Vermijd negaties

Wanneer in een (vraag)stelling gebruik wordt gemaakt van negaties wordt het al snel moeilijk om de zin correct te interpreteren, of om de logische combinatie te maken met de antwoordopties. Daarom is het opletten met zinsconstructies als ‘Het is een goed idee om niet…’, ‘Het is geen goed idee om…’, of ‘Vind jij het een goed idee dat het niet…’.

Het gebruik van “geen” of “niet” in een vraagstelling is potentieel verwarrend voor de deelnemer, maar ook met afgeleiden zoals “onvoldoende” of “afgeschaft” is het soms opletten.

voorbeeld 1

voorbeeld in verband met het formuleren van een stelling of vraag

voorbeeld in verband met het formuleren van een stelling of vraag

De eerste variant vraagt van de deelnemer om ‘ja’ of 'akkoord' te antwoorden wanneer deze niet akkoord is, wat de kans op fouten vergroot.

voorbeeld 2

voorbeeld in verband met het formuleren van een stelling of vraag

voorbeeld in verband met het formuleren van een stelling of vraag

De eerste variant is cognitief veeleisend voor de deelnemer door het gebruik van ‘goed’ en ‘niet’ in dezelfde zin.

Let op de volgende valkuilen bij het formuleren van de vraag of stelling

  1. Het gebruik van sturende (vraag)stellingen

Vermijd om de deelnemer in een bepaalde richting te sturen. Vaak gebeurt sturing onbewust, door het gebruik van adjectieven.

voorbeeld 1

voorbeeld in verband met het formuleren van een stelling of vraag

voorbeeld in verband met het formuleren van een stelling of vraag

In dit voorbeeld is het gebruik van ‘dringend’ en ‘de enige manier’ sturend: de deelnemer wordt een zekere mening opgedrongen.

voorbeeld 2

voorbeeld in verband met het formuleren van een stelling of vraag

voorbeeld in verband met het formuleren van een stelling of vraag

In dit voorbeeld maakt het gebruik van ‘wraakroepend’ en ‘niet meer van deze tijd’ het heel moeilijk voor een deelnemer om een andere mening te vertolken dan degene die wordt opgedrongen.

  1. Onduidelijkheid omtrent waarover nu precies een mening wordt gevraagd

Een (vraag)stelling mag niet voor interpretatie vatbaar zijn. Er mag geen twijfel zijn over wat gevraagd wordt.

voorbeeld 1

voorbeeld in verband met het formuleren van een stelling of vraag

voorbeeld in verband met het formuleren van een stelling of vraag

De eerste variant vertelt de deelnemer niet over welke terrassen het concreet gaat. Bovendien wordt gebruikgemaakt van heel veel werkwoorden (zou moeten verboden worden), wat het geheel complex maakt.

voorbeeld 2

voorbeeld in verband met het formuleren van een stelling of vraag

voorbeeld in verband met het formuleren van een stelling of vraag

De eerste variant is onduidelijk: een deelnemer kan het gepast vinden dat een dragshow wordt georganiseerd in een leegstaande kerk, maar niet in een kerk die nog in gebruik is. Daarnaast wordt in die variant gebruikgemaakt van een negatie (ongepast; zie hierboven). Tevens is het gebruik van ‘volgens jou’ niet nodig in de formulering van een (vraag)stelling voor een Rhetoric. De zin wordt zo onnodig lang, want het is geïmpliceerd dat de mening van de deelnemer wordt gevraagd.

  1. Eigen motivaties meegeven in de stelling

Geef geen motivatie of redenen mee bij het opstellen van de vraag of stelling. Je vraagt naar de mening van de deelnemer, geef de deelnemer dus de ruimte om een eigen redenering op te bouwen. Het is ook belangrijk dat de content die de Rhetoric ‘huist’ niet sturend is; de deelnemer mag niet het gevoel hebben dat deze een bepaalde kant wordt uitgeduwd.

voorbeeld 1

voorbeeld in verband met het formuleren van een stelling of vraag

voorbeeld in verband met het formuleren van een stelling of vraag

Het probleem met de eerste versie is dat de lezer misschien wel akkoord is dat de overheid festivalorganisatoren moet verplichten om herbruikbare bekers aan te bieden, maar om een heel andere reden dan de afvalberg. In dat geval is het voor de deelnemer aan het debat niet duidelijk wat deze op de stelling moet antwoorden: akkoord, of niet akkoord?

voorbeeld 2

voorbeeld in verband met het formuleren van een stelling of vraag

voorbeeld in verband met het formuleren van een stelling of vraag

De eerste versie geeft een reden waarom het niet verantwoord is om te verwachten dat pakjes de volgende dag worden geleverd. Maar ook hier geldt: wat moet de deelnemer antwoorden als deze vindt dat dit inderdaad niet verantwoord is, maar niet wegens de arbeidsomstandigheden van de betrokken werknemers maar om milieuredenen? Als je specifiek het debat wil openen over de arbeidsomstandigheden, is een andere formulering (bv. versie 2) beter geschikt.

4. Tips bij het formuleren van de antwoordopties


Bij een gesloten vraag of stelling kun je 2 tot 3 antwoordopties formuleren. Hoe ga je hierbij best te werk?

Tip De neutrale antwoordoptie gebruiken

Bij het formuleren van een gesloten vraag of stelling kan standaard gebruikgemaakt worden van een neutrale antwoordoptie. Debatten lenen zich bij uitstek tot nuance; de neutrale antwoordoptie laat de deelnemer toe om die nuance uit te drukken.

Hoe de neutrale optie gebruiken? Mogelijkheden zijn:

  • Akkoord/Neutraal/Niet akkoord
  • Ja/Ik twijfel/Neen
  • Eens/Geen van beide/Oneens

We raden af om de neutrale optie te labelen als ‘geen mening’, aangezien dit insinueert dat van de deelnemer verder nog weinig verwacht wordt qua argumentatie, terwijl de neutrale optie net een manier biedt om genuanceerde meningen te verwoorden.

Voorbeeld 1

voorbeeld over het formuleren van de antwoordopties

voorbeeld over het formuleren van de antwoordopties

Voorbeeld 2

voorbeeld over het formuleren van de antwoordopties

Voorbeeld 3

voorbeeld over het formuleren van de antwoordopties

Wanneer vragen of stellingen meer rechtdoorzee zijn en minder gericht op maatschappelijk debat kan het volstaan om twee antwoordopties te gebruiken.

Voorbeeld 1

voorbeeld over het formuleren van de antwoordopties

Een neutrale antwoordoptie zou in dit voorbeeld weinig bijdragen. Dit zou anders zijn bij een stelling als ‘De oplossing voor het begrotingstekort ligt bij belastingverhogingen’. In dat geval zou er bij de deelnemer wel nood zijn aan het kunnen geven van nuance; er wordt immers een concrete maatregel voorgelegd.

Voorbeeld 2

voorbeeld over het formuleren van de antwoordopties

Een vraag als ‘Vind jij het zinvol...’ laat zich makkelijk beantwoorden door een ja of neen. Er wordt immers gepeild naar een heel persoonlijke keuze. Een neutrale antwoordoptie zou wel bijdragen mocht de vraag zijn ‘Moeten scholen verplicht worden om elke week een zelftest af te nemen van elke leerling?’ In dat geval begeeft de discussie zich namelijk op breed maatschappelijk niveau.

Tip Vermijd sturende antwoordopties

De antwoordopties kunnen ook meer inhoudelijk ingevuld worden, bv. om enkele opties voor te leggen. In eerste instantie raden we aan om hier mee op te letten, om twee redenen:

  • Het gevaar bestaat dat deelnemers in een richting worden geduwd, of zich net helemaal niet kunnen vinden in een van de voorgestelde antwoordopties en dus afzien van deelname aan het debat.
  • De kleuren van de antwoordopties werden ingesteld in lijn met de standaardopties (groen voor ‘akkoord’/’eens’; geel voor de neutrale optie; rood voor ‘niet akkoord’/’oneens’). Als de antwoordopties niet in die optiek worden ingevuld zal dit kleurgebruik niet logisch zijn voor de deelnemer.

Voorbeeld 1

voorbeeld over het formuleren van de antwoordopties

Hier is in principe geen probleem met de antwoordopties. Cash of kaart is een duidelijke keuze. Het probleem stelt zich in de interface: de eerste (‘positieve’) antwoordoptie zal altijd een groene kleur krijgen nadat deze aangeklikt werd, de neutrale een gele, de derde (‘negatieve’) een rode. In dit geval zullen mensen die ‘cash’ aanduiden, dat woord in het groen zien staan nadat ze het aangeklikt hebben, en zal dit voor ‘kaart’ omgekeerd zijn (rood). Dat is uiteraard niet de bedoeling, want het impliceert dat men een ‘foute’ keuze maakt wanneer men ‘kaart’ kiest.

Een betere formulering is dan:

voorbeeld over het formuleren van de antwoordopties

Voorbeeld 2

voorbeeld over het formuleren van de antwoordopties

voorbeeld over het formuleren van de antwoordopties

De tweede variant is hier aangeraden. In de eerste variant kunnen twee problemen optreden. Ten eerste kan de deelnemer zich onder druk gezet voelen om ‘ja’ te antwoorden, omdat twee van de drie antwoordopties in die richting gaan. De deelnemer kan uit het aanbod aan antwoordopties afleiden dat de keuze voor ‘neen’ ongewenst is. Ten tweede is de deelnemer misschien om een heel andere reden akkoord met het verbod op wegwerpplastic, maar wordt zijn/haar reden niet gereflecteerd in een van de twee aangeboden ‘ja’ opties. Dan bestaat de kans dat de deelnemer afhaakt.